Dit is de vertaling die Google maakt van de instructies voor het rudesyning.
In de eerste vier decennia van de 19e eeuw bloeide de variant die bekend staat als venstersteek. Draden werden in kleine vensters in de stof geknipt of geknipt, waardoor open figuren ontstonden die vaak dieren, mensen en bomen afbeeldden. De motieven in venstersteek worden gevormd door de kleine vensters, recht tegenover de motieven in het raster, die ontstaan wanneer de gaten in het netwerk worden opgevuld.
Op de volgende pagina's van het boekje kunt u zien hoe u zelf venstersteek kunt leren naaien.
Voordat u een duif gaat naaien, moet u eerst leren hoe u een klein, licht motief naait.
Twee duiven in venstersteek, detail van kniekleed Jnr. 0902x004, Greve Museum.
45
Kniekleed. Jnr. 0902x004, Greve Museum.
45
Naai een klein patroon in ruitsteek
In de instructies met tekening en tekst kunt u zien hoe u het kleine patroon op de afbeelding naait. Het is een deel van de kop van de duif.
46
Je hebt de volgende materialen nodig:
Een naald zonder punt Linnen canvas Linnen garen
Naaigaren Borduurschaar Borduurring
Hoe je het doet:
Kruissteek
• Je hebt kruissteek nodig om je motief af te tekenen. • Je hebt gewoon naaigaren nodig.
• Je moet over 3 draden naaien en 3 draden laten staan.
Rijgen
• Nu moet je rondom de kruissteekjes rijgen.
• Gebruik gewoon naaigaren. In de tekening zijn de rijgsteken zwart, maar je kunt ook wit garen gebruiken, hoewel dat misschien iets moeilijker te zien is.
• Rijg over en onder 3 draden zoals in de tekening is aangegeven.
• De rijgdraden markeren waar je later de draden moet afknippen.
• Maak in elke hoek een hulpsteek in de stof om de rijgsteken samen te brengen.
Randafwerking
• Nu is het een goed idee om je canvas in een borduurring te hangen.
• De rand wordt rondom afgewerkt met wit linnen garen. Dit wordt aangegeven met de rode steken in de tekening. Volg de stikdraad.
• Naai over 2 of 3 draden.
Uitleg van het patroon
X = Elke X staat gelijk aan 3 draden – in het patroon moet X eruitzien als een open vierkant.
I = Elke lijn staat gelijk aan 3 draden = Opvullen met stopdraad
46
Vierkante steken
Draden knippen
• Nu moet je kleine vierkantjes uit de stof knippen.
• Gebruik een kleine puntige schaar en knip vanaf de voorkant.
• Knip de draden met de schaar door waar de stikdraad aan de voorkant zit.
• De stippellijnen geven aan dat je 3 draden moet doorknippen en 3 draden moet overlaten.
Draden verwijderen
• Trek de doorgeknipte draden eruit totdat het net duidelijk is.
Het net opzetten
(Zie tekening voor Tekenen – het net opzetten, verticaal en horizontaal, pagina 41)
• Nu moet je het net opzetten met wit linnen garen (de witte steken in de tekening).
• Begin in een hoek en zet 3 steken op elke paal op.
• Wanneer een paal klaar is, trek je de draad onder de randstiksel aan de achterkant door, zodat je de volgende paal kunt vastnaaien.
• Ga op dezelfde manier verder totdat je het hele net zowel horizontaal als verticaal hebt opgezet.
47
47
48
Stoppen
• Nu moet je stopsteken naaien volgens het patroon. In dit patroon hoef je slechts over één vierkant te stoppen.
• Naai over en onder de palen. In de tekening wordt dit weergegeven met blauw garen.
• Stop altijd horizontaal.
Na deze kleine oefening met venstersteken kun je nu een duif naaien met venstersteken.
Patroon voor een duif in raamborduurwerk
Het patroon is zo gemaakt dat je kunt kiezen om één duif of twee duiven te borduren. Je kunt ook alleen de kop van één duif borduren. Je kunt ook een naamplaatje borduren. Achterin het boekje vind je een alfabet.
Raamborduurwerk wordt altijd volgens een kruissteekpatroon geborduurd.
Een duif beslaat in totaal 14 x 14 vierkantjes. Dit komt overeen met in totaal 81 draden, zowel horizontaal als verticaal.
48
Raamborduurwerk
Instructies voor leerkrachten
Raamborduurwerk wordt alleen aanbevolen vanaf groep 6. De techniek kan uitdagender worden gemaakt door de leerling patronen te laten tekenen op geruit papier, die vervolgens worden geborduurd. De leerling kan een ontdekkingstocht maken door de reizende tentoonstelling "Hedebosyninger - een wereld van variaties" en andere motieven in raamdecoratie ontdekken (zie pagina 88).
Hier is een schema dat een idee geeft van hoeveel lessen er nodig zijn om één duif te naaien.
Inspirerend motief van originele hedebosyning
Raamdecoratie:
Duif genaaid op een kniedoek
Kniedoek.
Jnr. 0902x004, Greve Museum
Een duif:
Leerling 14 jaar: ca. 16 lessen Oefening: minimaal 5 uur
Geschat aantal lessen van 45 minuten
Voorbeeld van nieuw naaiwerk
Deze raamdecoratie wordt genaaid door 3 draden uit te trekken en 3 draden te laten staan.
Het motief zal kleiner zijn als de leerlingen slechts 2 draden uittrekken en 2 draden laten staan.
49